Sector kanton Rechtbank Haarlem 7 oktober 2009 (makelaardijcursus), LJN BK0618
Tegenover het verweer van gedaagde dat zij zich op 3 juli 2008 niet heeft ingeschreven voor de cursus Makelaardij OZ, heeft eiseres geen kopie van de inschrijving van gedaagde (via internet) overgelegd, maar de bevestigingsmail van diezelfde datum. Hiermee heeft eiseres de grondslag van haar vordering evenwel onvoldoende onderbouwd. Uit de e-mail van eiseres van 3 juli 2008 kan niet worden afgeleid dat deze aan gedaagde is gestuurd. Bovendien geeft de bevestiging van de zijde van eiseres nog geen zekerheid over de vraag of gedaagde zich daaraan voorafgaand bij eiseres heeft ingeschreven voor de genoemde cursus. Overigens, ook als er tussen partijen wel een overeenkomst op 3 juli 2008 zou zijn gesloten, dan geldt dat aan de hand van de email van 3 juli 2008 niet kan worden vastgesteld dat gedaagde al vóór deze datum op de hoogte was gesteld van de ontbindingsmogelijkheid. eiseres heeft evenmin haar stelling onderbouwd dat (destijds, in juli 2008) die mogelijkheid om de overeenkomst binnen 7 dagen te ontbinden op de website gepubliceerd stond en dat gedaagde dus tevoren van die optie op de hoogte was. Gevolg hiervan is dat dan de wettelijke opzegtermijn van drie maanden geldt, zodat gedaagde de vermeende overeenkomst met haar brief van 17 september 2008 tijdig heeft ontbonden.
Tegenover het verweer van gedaagde dat zij zich op 3 juli 2008 niet heeft ingeschreven voor de cursus Makelaardij OZ, heeft eiseres geen kopie van de inschrijving van gedaagde (via internet) overgelegd, maar de bevestigingsmail van diezelfde datum. Hiermee heeft eiseres de grondslag van haar vordering evenwel onvoldoende onderbouwd. Uit de e-mail van eiseres van 3 juli 2008 kan niet worden afgeleid dat deze aan gedaagde is gestuurd. Bovendien geeft de bevestiging van de zijde van eiseres nog geen zekerheid over de vraag of gedaagde zich daaraan voorafgaand bij eiseres heeft ingeschreven voor de genoemde cursus.
Overigens, ook als er tussen partijen wel een overeenkomst op 3 juli 2008 zou zijn gesloten, dan geldt dat aan de hand van de email van 3 juli 2008 niet kan worden vastgesteld dat gedaagde al vóór deze datum op de hoogte was gesteld van de ontbindingsmogelijkheid. eiseres heeft evenmin haar stelling onderbouwd dat (destijds, in juli 2008) die mogelijkheid om de overeenkomst binnen 7 dagen te ontbinden op de website gepubliceerd stond en dat gedaagde dus tevoren van die optie op de hoogte was. Gevolg hiervan is dat dan de wettelijke opzegtermijn van drie maanden geldt, zodat gedaagde de vermeende overeenkomst met haar brief van 17 september 2008 tijdig heeft ontbonden.